Vandaag vecht ik. Mijn jonge vrienden hebben me (een beetje) geduld geleerd. Ook het nut om prioriteiten te stellen.

« I don’t want die. Not in Italy. Not in Libya.
If I receive papers, I want to work in Belgium. Mix people here. Good people. »

A. is praatzaam vanavond.
Hij vergezelt me te voet om boodschappen te doen, na mijn werk. En waardeert de kalmte van de straten in mijn Henegouwse stad.
Onderweg vertelt hij over zijn vlucht. In zijn imperfecte Engels geaccentueerd door gebaren.

Toen hij dus nog heel klein was, heeft zijn familie Eritrea verlaten om zich in Ethiopië te vestigen.
Door het geweld werd A. opeens weeskind, hij alleen en zijn zus in Soedan.
Ze raakten gescheiden.

A. begon ongeveer vier jaar geleden aan zijn tocht naar Engeland.
Van Turkije ging hij naar Griekenland in een geïmproviseerde kano.
Hij had het overleefd en werd in een kamp in Griekenland geparkeerd.
Daar heeft hij vele Ethiopiërs ontmoet die het ergste meegemaakt hebben.
Daar ontmoette hij J., zijn hartsvriend. Nog een zonnetje in huis.
Sommige van zijn “gedublineerde” broers op de vlucht werden naar Italië teruggestuurd en dan naar Libië.
Geen van hen heeft dan nog iets van zich laten weten.
« Libya = died », mompelt A.

Aan tafel tussen J. en mijn zoontje, opent A. zijn hart.
Hij, zo verlegen bij zijn aankomst bij mij eind augustus, is voor de derde keer “naar huis” teruggekeerd.
Meer sereen nu.

A. is zo jong. Een weeskind met een lieve glimlach.

Je hebt misschien zijn getuigenis gelezen over zijn arrestatie in een politiekantoor in Vlaanderen?
Hij werd gefouilleerd in een cel door 2 politieagenten en zag al het geld dat zijn gemeenschap voor hem had verzameld om naar Engeland te reizen afgenomen worden. 1.000 euro gestolen.

Sindsdien had A. zijn glimlach verloren.
Hij voelde zich opgejaagd, onophoudelijk bedreigd.
Verschillende families hebben hem gerust gesteld, ondersteund en geholpen op verschillende manieren.

Gisterenavond heeft A me het mooiste cadeau gegeven:
« Tomorrow, I go to Brussels to meet your friend, Samir. I want to know ».
Ik heb hem geantwoord dat hij een vrije keuze heeft. Dat het erom gaat om correct geïnformeerd te zijn zodat hij over de rest van zijn reis kan nadenken. Zonder druk.
Ik breng hem in contact met de jonge M. die in de asielprocedure zit. Ze praten lang aan de telefoon. Ze kennen elkaar niet maar misschien zullen ze elkaar wel bij mij ontmoeten wanneer M. zijn opvangcentrum eens mag verlaten terwijl zijn asielaanvraag wordt onderzocht.

In Griekenland, in een kamp, was A. barbier en kapper.
Wie weet? Met de vastberadenheid die hem kenmerkt, kan hij misschien eindelijk tot rust komen en een job vinden.
A. bouwt misschien een familie van jOns op.
Hij heeft bijna geen bagage.
Maar een zin om te leven en een ontvankelijke vriendelijkheid.

En zijn vriend J. die me zegt over de Belgische families:
“You are a gift from god”.

Ik zeg het u, wij zijn « gered » 😉🙃
Meer verenigd dan ooit tegen het onfatsoenlijke, tegen het onnoembare.

Gisteren heb ik een brief ontvangen van een sociaal verzekeringsfonds die me een enorme som wilde vorderen hoewel ik mijn bedrijf sinds verschillende maanden had stopgezet. Zonder twijfel een vergissing. Meer zorgen op komst. Nog tonnen brieven en energieverslindende aanmaningen.

9 maanden geleden, zou ik er slecht van geslapen hebben. Ik zou er misselijk van geworden zijn en een maagzweer gekregen hebben.

Vandaag vecht ik.
Mijn jonge vrienden hebben me (een beetje) geduld geleerd.
Ook het nut om prioriteiten te stellen.

« Niets zal nog zoals vroeger zijn », had een vriendin me gezegd.
Het is waar.
En het is zoveel beter!

Dankzij Adriana Costa Santos, Mehdi Kassou, Yoon Daix, Alexandrine Duez, Jennifer Clara, Thomas Tibbaut, Naï Ké, Sofia Srlt, Simon Bertrand, Naïm Daibes en alle anderen in het park, is de familie van mijn hart uitgebreid met mijn kleine B., zijn broertje, zijn oomp, de prinsesjes K en R, de koningin R en haar mirakelbaby, de drie A’s, de vier F-en, J en T, F en Y …

BEDANKT om er te zijn! ❤️🍀